‘Plots werd ik wakker, zonder arm’

‘De dokters zeiden dat mijn arm geamputeerd moest worden. Mijn moeder reageerde dat ze mij dan beter zouden doden.’

Exact een jaar en een dag geleden ontmoette ik Shilpi (18). Toen op 24 april 2013 fabriekscomplex Rana Plaza instortte was ze nog een kind. ‘Ik was 12 toen ik begon te werken in de fabriek, 13 toen de ramp gebeurde. Ik werd naar binnen geduwd en ging noodgedwongen aan het werk. Plots voelde ik de grond onder mijn voeten verschuiven, precies een aardbeving.’

De wereld stort in

‘Ik dacht dat alle gebouwen in Bangladesh ingestort waren. Ik wou weglopen, weg van mijn naaimachine, maar viel neer en kon me niet meer bewegen.’

‘Drie dagen zat ik vast onder het puin. De reddingswerkers konden mij er niet eerder uithalen: mijn arm zat geklemd en zodra ze mij zouden redden, zou het dak instorten en zouden mijn collega’s bedolven worden.’

‘Na mijn uiteindelijke bevrijding vreesden de dokters voor mijn leven. Ze zeiden dat ik enkel kans maakte als ze mijn arm amputeerden. Na heel lang aarzelen stemde mijn moeder, die eerst verkondigde dat ik beter dood zou zijn dan zonder arm door het leven te gaan, in met de operatie. Zonder mij daar iets van te vertellen.’

‘Plots werd ik wakker zonder linkerarm. Ik huilde tranen met tuiten, wou vertellen dat ik pijn had, maar ik mocht mijn mondmasker niet afdoen. Toen ik dat toch deed, hebben ze mij dagenlang vastgebonden. Ik heb lang gedacht dat ik nooit nog het ziekenhuis zou mogen verlaten.’

Hoop

In tegenstelling tot veel andere slachtoffers is Shilpi oprecht hoopvol over haar toekomst. ‘Nooit heb ik de moed opgegeven. Na 2,5 jaar revalideren, een half jaar voor ik uit het ziekenhuis ontslagen zou worden, besliste ik om te gaan studeren. De dokters moedigden mij daarin aan.’

‘Mijn redenering was dat als ik mijn studies zou afmaken, als ik zou goed worden in iets, dan zou ik weer kunnen meedraaien in de maatschappij. Anders niet.’

‘Binnenkort studeer ik af van de middelbare school. Ik ben nu ingangsexamens aan het doen om verder te studeren. Wat ik juist wil studeren, weet ik nog niet. ICT? Misschien politieke wetenschappen? Of Engels? Ik twijfel nog. Maar ik kijk er al enorm naar uit.’

Van een ding is Shilpi wel zeker. ‘Ik zou niet willen dat mijn kinderen, als ik in de toekomst een gezin sticht, in de textielsector zouden gaan werken. Ik wil er alles aan doen om dat te voorkomen.’

Je las de getuigenis van Shilpi eerder in MO* en De Morgen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *